Van lineair naar ritmisch organiseren en waarom AQ belangrijker wordt dan IQ
Verandering is geen eenmalige horde meer die je als organisatie even neemt.
Het is het landschap waarin we ons dagelijks bewegen.
En dat vraagt vervolgens om structuren die kunnen meebewegen, zonder dat organisaties zichzelf hierin verliezen.
Toch zien we dat veel organisaties nog altijd proberen om grip te houden met de klassieke jaarplannen, rigide KPI’s en functiebeschrijvingen die nauwelijks ademen.
Dat botst met de realiteit. Een realiteit die onvoorspelbaar is, niet-lineair en continu in beweging.
Wat is Adaptability Quotient (AQ)?
Volgens het World Economic Forum is AQ een van de belangrijkste vaardigheden voor de toekomst.
AQ staat voor Adaptability Quotient: het vermogen om je aan te passen aan verandering. Het gaat over levenslang leren, nieuwsgierigheid en het vermogen om nieuwe tools, technologieën en werkwijzen te omarmen.
Waar IQ gaat over wat je weet, EQ over hoe je met emoties omgaat, gaat AQ over hoe goed je omgaat met onverwachte veranderingen en of je dat kan ombuigen naar nieuwe kansen.
Juist dát maakt steeds vaker het onderscheid tussen mensen en organisaties die vastlopen, en degenen die zich blijven ontwikkelen terwijl het werk verandert.
AQ: de vaardigheid die organisaties nu nodig hebben
Tijdens het Next Level Talent Webinar van MT/Sprout gaven onder andere Maximiliaan Krijgsman (RGF Staffing) en Nadine Klokke (Knab) aan dat zij in selectieprocedures steeds minder kijken naar alleen kennis en ervaring. Flexibiliteit, leervermogen en veerkracht wegen zwaarder dan ooit.
Daar stopt het wat ons betreft niet.
Want als je mensen selecteert op hun verandervermogen, dan vraagt dat andersom toch ook iets van de organisatie. Durf je dan ook af te stappen van voorspelbaarheid en vaste kaders? Of blijf je stiekem toch sturen op zekerheden?
Van rigide planning naar ritme
Bij organisaties als Triodos Bank en Voys zie je dat het anders kan.
Geen managers, geen traditionele hiërarchie maar zelfsturende teams die werken op basis van een gedeeld doel.
Besluitvorming verloopt daar niet lineair en strak gepland, maar ritmisch.
Niet alles hoeft helemaal vast te liggen of meteen te gebeuren. Er is ruimte om te bewegen in het tempo van de organisatie.
Wat je daar ziet ontstaan zouden we niet omschrijven als chaos, maar juist een ander soort ‘orde’.
Één die veel meer ontstaat vanuit de praktijk, in plaats vanuit bovenaf. Waar niet alles dichtgetimmerd hoeft te zijn voordat je mag beginnen. Maar waar je mag leren, aanpassen, en daarna doorbouwen.
Dat vraagt vertrouwen, volwassenheid en scherp inzicht in hoe mensen van nature functioneren binnen zo’n systeem.
“De organisaties die floreren, zijn degenen die meebewegen zonder zichzelf te verliezen.”
– Deborah Nas
Meebewegen vraagt een ander soort leiderschap
Volgens ons vraagt dit om een ander soort leiderschap:
- minder top-down;
- meer contextgedreven;
- minder planmatig;
- en meer ritmisch.
Het vraagt om leiders die niet alles vooraf dicht willen timmeren, maar durven navigeren. Die begrijpen dat richting iets anders is dan controle.
Daarom werken wij met leiders aan inzicht in natuurlijke leiderschapsstijl. Zodat zij niet hoeven te forceren, maar kunnen sturen vanuit wat past bij henzelf én hun organisatie.
Beweegt jouw organisatie al mee?
De stille systeemshift gaat niet over trends volgen.
Het gaat over het ontwikkelen van organisaties die kunnen blijven bewegen, zonder zichzelf te verliezen.
Plan een kennismaking als je wil onderzoeken hoe jouw team of organisatie ritmischer kan organiseren, zonder grip te verliezen.
Dit was deel 2 van de serie De stille systeemshift. In het derde deel kijken we naar wat er gebeurd als je durft los te laten ‘wat hoort’. Heb je het deel 1 gemist? Lees het hier.